Voorjaarskrant 2026 - Kids Learning

Uitgangspunten uitgelicht: De tekst centraal

In LeesOceaan staat de tekst centraal. De zes wetenschappelijk bewezen leesstrategieën zijn voor de kinderen een hulp middel om teksten goed te kunnen begrijpen. De strategieën sturen het denkproces tijdens het lezen en helpen betekenis te geven aan de tekst. Leesstrategieën zorgen ervoor dat de kinderen actief blijven lezen. In LeesOceaan vertegenwoordigen zes kinderen de leesstrategieën. Bij teksten waarbij verdiepend lezen nodig is om tot leesbegrip te komen, is gebruik gemaakt van de drie fasen van Close Reading. Doelgericht lesgeven In LeesOceaan wordt het directe instructiemodel gebruikt. Dit is een bewezen aanpak om de leseffectiviteit te verhogen, en te zorgen voor succeservaringen en betere leerprestaties. Aan de hand van het GRRIM-model* schuift de verantwoordelijkheid voor het leren geleidelijk van de leerkracht naar de leerlingen. Het GRRIM-model bestaat uit: IK-fase, WIJ-fase, JULLIE-fase en JIJ fase. In de lesbeschrijving staan de fasen duidelijk aangegeven en ter ondersteuning van de leerkracht is de modeling uitgeschreven. *Gradual Release Responsibility Instruction Model De opbouw in de leerlijn: • Van korte, eenvoudige teksten naar steeds langere, meer complexe teksten. • Van teksten over onderwerpen die aansluiten bij de leefwereld van kinderen, naar onderwerpen die wat verder van de lezer afstaan. • Het proces van sturing en modeling naar zelfstandig betekenis verlenen aan teksten. • Een opbouw in zes leesstrategieën. het derde tot en het vierde leerjaar werken aan dezelfde doelen. In het vijfde en zesde leerjaar worden deze doelen uitgebreid en verdiept.

vragen

Kim Ketting verbinden

Vince Vlog

visualiseren Pablo Plaatje

afleiden

Daan Detective

voorspellen

samenvatten

Zita Zeef

Vera Verrekijker

De zes leesstrategieën.

Leesstrategieën uit ‘Appelflappen ’

Samenvatten: •

De leerling herkent de indeling: inleiding, kern en slot. • De leerling formuleert een passend kopje boven een alinea. • De leerling oefent met het selecteren van • belangrijke woorden en zinnen om zo tot de hoofdgedachte van de alinea te komen. • De leerling kan de inhoud van de tekst weergeven in een eenvoudig schema. • De leerling kiest d.m.v. multiple choice de zin uit die de hoofdgedachte van de alinea weergeeft. De leerling gebruikt aanwijzingen in de tekst om af te leiden wat niet letterlijk in de tekst staat. • De leerling gebruikt eigen kennis en ervaringen om af te leiden wat niet letterlijk in de tekst staat. • De leerling interpreteert situaties uit de tekst. • De leerling herkent en onderscheidt feit en mening. • De leerling vormt een mening over informatie binnen de tekst en kan deze beargumenteren.

Afleiden: •

Voorbeeld: In deze les worden twee leesstrategieën gebruikt, namelijk: samenvatten en afleiden.

14

Made with FlippingBook flipbook maker